26 |










Poëzieklinkplek | Rolf Wolters


Dé plek om poëzie te laten klinken.
Dé plek om naar poëzie te luisteren.
Of gewoon de plek om lekker even te zitten.



Podium | Henk Beunk


de dichter op een
voetstuk plaatsen
is net zo belangrijk
of net zo min nodig
als opkijken
tegen een kunstenaar

woorden en beelden
zijn vertalingen van
een gemoedstoestand

er zijn te weinig tolken



Landgoed kunstgoed | Dick Molenaar

hier op dit land goed
voor kunstverwekkers
dichtdenkers kijkend voetvolk
en lang vergeten
krijgsknechten
voelt de grond
vertrouwd aan voor hamer hout
pen en penseelgebruik hoe creatief toch
van de reeds lang vergane huurling
is de pen-en-gatverbinding van
zijn kunstig vervaardigde houten been

kunst bloeit in elk voorjaar
als kruid na kruitdamp


Landgoed- cultuurgoed | Dick Molenaar

voetprinten in de tijd
enghusen met zijn fluisterende vertelsels
tussen boomstronk en ruïne
verhalen van
liefde romantiek oorlog opbouw en verval
maar ook van
zinloze verwoesting
in onze zo beschaafde tijd

kunst
          geeft
toekomst
                  nieuw
                            gezicht


Engels grös | Sebastiaan Roes

Nargens ’t grös greuner
as bi-j Leeds Castle,
dat grote, olde hoes.

Met ne schere emaejd
en of-estokkene
deur nen mathematicus
met rechte hand
dén nooit wat drunk
zo liekt ’t: zó lieke,
zó alderbastend Brits.

Laot de stadsen maor praoten,
dech boer Roes:

‘Natuur in cultuur
is de mooiste natuur.’


Fluusterdingen | Hans Mellendijk

’n Zucht tussen de boomkozienen.

'n Stoet gedempte fluusteringen,
Ónafwendbaor.

’n Vlucht schoolherinneringen,
Pas op, i’j daor!

'n School opgeviste dingen,
Ónbedaorbaor.

'n Zwarm vluchtige vraogen,
Jao èh nea maor, …

'n Dróm vraogteikens te raoden,
Ónafzienbaor.

’n Ri’j dansbaore stemmen, mien kind,
Lispelt fluusterzingend in de wind.

Óngenaakbaor,
Siesterend en huppelklaor,
Ónnaovolgbaor.
’n Trop stoeten vól met rozienen.


Denkraam | Rena Wams

gedachtekracht gaat golvend
zonder ruimte in te nemen
tijdloos door de ether

mens als micro-universum
in een macro-heelal
telkens op weg naar later





... | Anna Wiersma


Een weg te banen,
naar het licht.
Grillig en knoestig,
door niets ontwricht.
Gevecht naast schoonheid,
door vorm van stam en blad.
Onmisbaar, eigenzinnig,
zichtbare longen
voor de stad.




Geen opmerkingen:

Een reactie posten